Bij beveiligde beglazing gaat het zelden mis in het glas zelf. Het gaat mis in het kozijn, in de sponning of in de bevestiging. Een kogelwerende ruit in een niet-beproefd kozijn levert de klasse van die ruit niet.
De normen op een rij
- EN 1063 — kogelwerendheid van beglazing. De klassen lopen van BR1 tot en met BR7 voor handvuurwapens en geweren, plus SG1 en SG2 voor hagelgeweren. Per klasse zijn het kaliber, de kogelmassa, de snelheid en het aantal schoten vastgelegd. Een klasse kan aanvullend worden aangeduid met S (splinterend aan de beschermde zijde) of NS (no spall, geen afsplintering).
- EN 356 — inbraakwerendheid van beglazing tegen handmatige aanval. Klassen P1A tot en met P5A worden beproefd met een vallende stalen kogel; P6B tot en met P8B met bijl- en hamerslagen, waarbij het aantal slagen tot doorbraak de klasse bepaalt.
- EN 1522 en EN 1523 — kogelwerendheid van ramen, deuren, luiken en jaloezieën: eisen en beproevingsmethode voor het volledige element, dus glas én kozijn én bevestiging.
- EN 1627 tot en met EN 1630 — inbraakwerendheid van het complete raam- of deurelement, met weerstandsklassen RC1 tot en met RC6.
De normteksten zijn te raadplegen en te bestellen via nen.nl.
Waarom het systeem telt, niet de ruit
Een beproeving volgens EN 1522 wordt uitgevoerd op een compleet element in een gedefinieerde opstelling. Wijzigt u daarna de sponningdiepte, het beslag, de glaslatten of het bevestigingspatroon, dan valt het element buiten de beproefde configuratie en is de klasse niet langer aantoonbaar. Bij een projectbeoordeling kijken wij daarom altijd naar:
- sponningdiepte en glasinklemming — kogelwerend glas is dik en zwaar en vraagt meer inklemming dan standaardbeglazing;
- draagkracht van het kozijn en de aansluitende constructie — een BR4-ruit weegt al snel meer dan 40 kg/m²; het kozijn, het anker en het achterliggende metselwerk moeten dat dragen;
- de bevestiging in de dag — het aantal, type en de hart-op-hartafstand van de ankers;
- de afwerking rondom — een beproefd element in een zwakke wand verplaatst het risico simpelweg naar de wand ernaast.
Weerstandsklasse kiezen
De klasse volgt uit het risicoprofiel, niet uit een voorkeur voor "zo zwaar mogelijk". Wat meeweegt:
- Het te verwachten dreigingsbeeld en het wapen- of gereedschapstype waarmee redelijkerwijs rekening moet worden gehouden.
- De gewenste weerstandstijd: hoe lang moet het element standhouden tot hulp of ingrijpen mogelijk is?
- De functie van de ruimte erachter en de aanwezigheid van personen.
- Randvoorwaarden als lichttoetreding, gewicht, dagmaat en onderhoud.
- Eisen van verzekeraar of opdrachtgever, die vaak in RC-klassen of in P-klassen zijn geformuleerd.
Praktische aandachtspunten
- NS of S. Bij ruimten waar mensen dicht bij de ruit staan, is een NS-uitvoering doorgaans het uitgangspunt: bij beschieting komen geen glasdeeltjes aan de beschermde zijde vrij.
- Randafdichting en beglazingsblokjes. Zwaar gelaagd glas stelt eisen aan de opbouw van de beglazingsruimte; onvoldoende ontwatering leidt tot delaminatie aan de rand.
- Documentatie. Vraag altijd naar het beproevingsrapport of het classificatierapport van het toegepaste systeem, niet alleen naar een productblad van de ruit.
- Bestaande kozijnen. Vervanging van alleen de beglazing in bestaande kozijnen is zelden een geldige oplossing. Wij beoordelen daarom eerst de bestaande situatie en benoemen wat wél en niet aantoonbaar te realiseren is.
Wat op basis van de bestaande gegevens niet te bepalen is, rapporteren wij als "Onbekend" — ook hier geldt dat een aanname in een beveiligingsvraagstuk gevaarlijker is dan een open vraag.